Logo Universiteit Utrecht

Universitair Dierenziekenhuis

Kennisbank

Bloed loopt buiten de lever om (aangeboren levershunts)

Levershunt

Een levershunt is een aangeboren afwijking waarbij via een afwijkend bloedvat het bloed van de poortader niet door, maar langs de lever loopt.

Doordat het bloedvat afwijkend loopt, kan de lever de schadelijke stoffen niet uit het bloed filteren en groeit de lever zelf bij jonge pups ook niet goed. Van een aantal rassen (ongeveer 30) is bekend dat zij erfelijke aanleg hebben voor aangeboren levershunts.

Verschijnselen

Honden met een levershunt hebben vaak in het begin geen verschijnselen. Na verloop van tijd begint de hond verschijnselen te vertonen. Soms gebeurt dat al na een half jaar, in een enkel geval pas als de hond vier tot zes jaar oud is. De symptomen zijn:

  • sloomheid
  • braken
  • veel drinken
  • periodes met hersenafwijkingsverschijnselen: wankel lopen, mentale afwezigheid, soms cirkeltjes draaien, tegen voorwerpen oplopen

Deze verschijnselen kunnen per dag wisselen. Vaak heeft de hond een paar goede, gevolgd door een paar slechte, dagen.

Diagnose

De diagnose wordt met drie achtereenvolgende onderzoeksmethoden gesteld:

  • Met bloedonderzoek wordt bepaald of er ammoniak in het bloed zit; Dit betekent dat het bloed niet door de lever gaat en kan de diagnose levershunt gesteld worden.
  • Met een echo wordt gekeken wat voor shunt het is (er zijn vele varianten van bekend) en wat de diameter van het bloedvat is.
  • Met een CT-scan, met contrastvloeistof, worden vlak voor operatie alle vaten in beeld gebracht. Op deze manier kan de chirurg precies bepalen welke vaten afgesloten moeten worden.

Behandeling

Een levershunt wordt behandeld via een operatie. Tijdens deze operatie wordt het ‘foute’ vat opgespoord en dicht gemaakt. Dit gebeurt in stapjes, zodat de bloeddruk in de lever niet te snel stijgt. Vaak is één operatie voldoende om het vat (voldoende) te dichten. Soms, bij hele grote shunts, is later een tweede operatie nodig.

U kunt voor behandeling van een levershunt terecht bij de polikliniek Hepatologie van de Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren. Dit geldt alleen voor honden en katten. Met overige diersoorten kunt u voor de behandeling van deze aandoeningen terecht bij de afdeling Vogels en Bijzondere Dieren.

Zijn vervolgonderzoeken nodig?

Na operatie gaat er meer bloed naar de lever. Hierdoor gaat de lever uiteindelijk groeien. Eén of twee maanden na de operatie is controle, van de lever en de bloedwaarden, nodig om te kijken of de operatie geslaagd is.

Wat is de prognose van een aangeboren levershunt?

De prognose is afhankelijk van de locatie en de diameter van de levershunt. Gemiddeld knapt 75 tot 80 % van de honden na operatie volledig op. Complicaties die kunnen optreden zijn:

  • bloeding tijdens de operatie
  • slecht herstel van de bloeddruk na operatie

De eerste twee dagen na operatie zijn daarom cruciaal.

Speciale apparatuur en ervaring

De Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren beschikt over speciale apparatuur om een zeer betrouwbare ammoniakmeting te doen. Ook heeft zij dierenartsen in dienst voor het maken en beoordelen van echo’s en CT-scans. Deze dierenartsen hebben veel ervaring met het herkennen van levershunts en hebben daarom een grote toegevoegde waarde bij het stellen van de diagnose. Ter vergelijking: de gemiddelde praktijk die levershunts behandelt vindt ongeveer 50% van de gevallen, terwijl de Universiteitskliniek tegen de 100% aan zit.