Logo Universiteit Utrecht

Universitair Dierenziekenhuis

Kennisbank

Hoornvliesbeschadigingen

Het hoornvlies is het doorzichtige, voorste gedeelte van het oog. Beschadigingen aan het hoornvlies kunnen oppervlakkig of diep zijn. Paarden met een hoornvliesbeschadiging zijn vaak traumapatiënten: zij hebben door invloed van buitenaf schade opgelopen aan het hoornvlies.

Verschijnselen

De verschijnselen zijn knijpen, tranen en een blauwe waas over het oog.

Diagnose

De diagnose kan eenvoudig gesteld worden door het oog goed te bekijken. Het oog wordt onderzocht op de aanwezigheid van eventuele vreemde voorwerpen. Door het oog te kleuren met fluoresceïne, een onschadelijke kleurstof, kunnen beschadigingen beter opgemerkt worden.

Behandeling

Hoornvliesbeschadigingen zijn vaak goed te behandelen. Bij een oppervlakkige beschadiging wordt het oog behandeld met een antibioticazalf. Na enkele dagen zijn de klachten dan voorbij. Vooral bij diepe beschadigingen bestaat het risico van een infectie met een bacterie die ongevoelig is voor sommige antibiotica of met een schimmel. In dat geval is aanvullende therapie nodig:

  • rasteren: het maken van kleine sneetjes in het beschadigde deel van het hoornvlies. Dit activeert de genezing waardoor deze sneller verloopt. Rasteren kan plaatsvinden bij het staande paard of onder algehele anesthesie.
  • soms wordt ook een stukje slijmvlies gehecht over de beschadiging heen. In slijmvlies zitten veel bloedvaten. De doorbloeding van de hoornvliesbeschadiging bevordert het herstel.

Nazorg

Het soort nazorg verschilt per situatie: een langdurige antibiotica-therapie, of het doorknippen van het gehechte stukje slijmvlies (dat kan soms ook thuis door de eigen dierenarts gedaan worden).

Bij een oppervlakkige beschadiging kan de nazorg (het toedienen van antibioticazalf) thuis geschieden. Een diepe beschadiging vereist een constante controle, in de Universiteitskliniek voor Paarden. De prognose is veelal goed.